
Giro - Ronde van Italië start in 2027 in Triëst en pakt uit met erg veel klimwerk

Na de Grande Partenza's in Albanië en Bulgarije start de Giro volgend jaar voor het eerst sinds 2024 terug in eigen land. Toch is er in de heuvelachtige openingsetappe met start en aankomst in Triëst al meteen een korte passage doorheen Slovenië. De tweede rit, opnieuw heuvelachtig, vindt helemaal plaats in het land van Tadej Pogacar.
Opvallend in de 110e editie is het erg hoge klimgehalte, met onderweg ruim 50.000 te overwinnen hoogtemeters. Blikvangers qua extreem klimwerk zijn etappe 16 naar Aprica (met de beklimming van de Gavia-pas en tweemaal de Mortirolo langs zijn steile zijde) en de voorlaatste rit met aankomst bovenop de erg steile Monte Zoncolan (10,1 km aan 11,9%). Daags nadien, op zondag 30 mei, finisht de Giro opnieuw in hoofdstad Rome.
De editie van 2027 bevat slechts één enkele vlakke tijdrit (37,3 km tussen Monza en Milaan). De eerste grote ronde van het volgende wielerseizoen ziet er op die manier erg anders uit dan de Tour de France later op het jaar. Die telt twee vlakke tijdritten (voor een totaal van 71 kilometer) en slechts drie aankomsten bergop.
In 2026 werd de Giro gewonnen door de Deen Jonas Vingegaard. Het is nog niet duidelijk of die opnieuw aan de start zal verschijnen. Olympisch kampioen Remco Evenepoel zette aan het eind van het voorbije wielerseizoen de deur richting een derde Giro-deelname open, maar vindt komend jaar uiteindelijk een Tourparcours dat hem duidelijk beter past dan het Girotraject.



